Home » Roman

BEVROREN TIJD

 
Vrijdag, 11 juni 2021 hebben uitgeverij Iskander en ik het contract getekend voor mijn literaire roman 'Bevroren tijd'.
 
Iskander is een z.g. traditionele, ouderwetse, gewone uitgeverij, die thuishoort in het rijtje: Arbeiderspers, De Bezige Bij, Meulenhoff en noem ze allemaal maar op. Dus geen internetuitgeverij en geen print on demand. Zij dragen alle kosten, ik hoef geen boeken te kopen, ik hoef niet met boeken te leuren, ik hoef geen financiële bijdrage te leveren en ook de fotograaf die de auteursfoto gaat maken is door de uitgeverij geregeld. Iskander staat op de boekenbeurzen en heeft enkele vertegenwoordigers in dienst die boekwinkels bezoeken. Mijn roman 'Bevroren tijd' moet op 15 augustus 2021 drukklaar zijn. Aanvankelijk was het de bedoeling dat de roman nog dit jaar op de markt zou komen. De boekenbeurs is echter al in september en dat gaan we niet redden. De volgende beurs is februari 2022 en 'Bevroren tijd' zal derhalve in januari 2022 verschijnen.
'Bevroren tijd' is niet bij mij te bestellen en niet bij mij te koop. U zult hiervoor echt naar de boekwinkel moeten. Uiteraard ook te koop bij de bekende internetadressen, zoals bol.com, amazon.nl, etc.
 
Om u een indruk te geven, hieronder een deel van de eerste pagina.
 
Tussen de bomen aan de horizon gloeit rood oranje de ondergaande zon. Het bos lijkt in brand te staan. Tegen het licht in zijn de stammen nog slechts donkere gestalten, contouren. In de verte roept de koekoek. Hoog aan de hemel zweeft de buizerd.
Ruud had me verteld, dat hij in de periode dat we nog niet samenwoonden, regelmatig naar boven was gegaan, op een tafel was geklommen en tot zijn middel uit het dakraam had gehangen om een glimp van het huis op te vangen, waar ik mij op dat moment bevond. Ik geloofde hem, maar heb sinds ik hier woon nooit de behoefte gehad dit ook te doen. Bovendien, wanneer ik het huis zou willen zien kan ik er binnen tien minuten zijn. Maar zelfs die behoefte heb ik niet. Niet meer.
Een paar dagen nadat ik bij hem ingetrokken was heb ik op een avond de fiets gepakt.
'Waar ga je naar toe?'
'Fietsen.'
'Het is al donker.'
'Ik weet het.'
'Zal ik met je meegaan?'
'Nee, laat me maar even alleen.'
'Goed.'
'Vind je het erg?'
'Nee.'
In de dorpskern, ter hoogte van de bakker stapte ik af. Ik trok de dynamo van de voorband en zonder licht reed ik de laatste honderd meter. Minutenlang stond ik op geruime afstand van het huis en keek. Ik keek, maar zag niets. Achter alle vensters waren de overgordijnen dichtgetrokken. De weken die daarop volgden stond ik regelmatig op mijn plekje. Altijd die gesloten overgordijnen. Achter die gordijnen moeten ze gevoeld hebben dat ik daar stond. Zoals ik voelde dat zij er waren.
 
Het werd steeds moeilijker op den duur. Op een gegeven moment ben ik niet meer gegaan. Ik werd er niet rustiger van, maar het was ongetwijfeld beter voor me.
Ik heb ermee leren leven. Misschien ook maak ik het mezelf maar wijs om er niet aan onderdoor te gaan. Er zijn nu eenmaal gebeurtenissen in een mensenbestaan waarmee je wel zult moeten leren leven. Gedwongen, doodgewoon omdat er geen keus is.
Soms vraag ik me af of ik de stap wel had gezet als ik had geweten wat de prijs zou zijn die ik zou gaan betalen. Ik heb het me niet afgevraagd. Ik ben gegaan, na maanden van slapeloosheid en tranen. Achteraf gezien huilde ik al jaren. Zonder tranen, van binnen.